Paragrafen

G. Grondbeleid

Het gemeentelijk grondbeleid is geen doel op zich, maar dient primair om andere beleidsdoelen te realiseren. Via het strategisch grondbeleid kan worden gestuurd op gewenste ontwikkelingen en kan regie worden behouden over nieuwe ontwikkelingen en zaken die niet door de markt worden opgepakt. De instrumenten vanuit de Omgevingswet zijn hierbij een hulpmiddel. De Omgevingsvisie bepaalt primair waar grondbeleid zal worden ingezet om gewenste ontwikkelingen te initiëren. De doelstellingen c.q. uitgangspunten van onder andere de woonvisie zijn eveneens leidend voor het te voeren grondbeleid en ook bij het actualiseren van de omgevingsplannen worden keuzen mede bepaald door het te voeren grondbeleid.
Met de nota grondbeleid 2025 wil de gemeente inzetten op een actievere rol (dan voorheen) bij de aanpak van de opgaven waar we voor staan. Vanuit dit oogpunt wordt met de nota Grondbeleid 2025 gekozen voor situationeel grondbeleid. Hierbij wordt per situatie gekeken welke rol de gemeente wil en kan aannemen. De volgende uitgangspunten vormen in de gemeente Rheden de basis voor het strategisch grondbeleid:

  1. De omgevingsvisie geldt als input voor het grondbeleid.
  2. Daar waar marktontwikkelingen aansluiten bij het gemeentelijk beleid is geen interventie in de vorm van een eventueel actief grondbeleid nodig.
  3. Indien de markt maatschappelijk gewenste of noodzakelijke ontwikkelingen, waaronder de woningbouwversnelling, niet oppakt, dan bepaalt de gemeente per project welke rol en inzet van instrumenten het beste past. Hierbij spelen onder andere de volgende factoren een rol:
  • Hoe groot is het maatschappelijke belang?
  • In hoeverre heeft de gemeente vanuit een faciliterende rol voldoende sturing om haar doelstellingen bij een project te bewerkstelligen. Hiertoe zal de gemeente, zeker bij grotere gebiedsontwikkelingen, onder andere (master)plannen opstellen waarin haar uitgangspunten staan verwoord.
  • Als een actievere rol wenselijk is, dan moet helder zijn wat de financiële consequenties en risico’s, in hoeverre de gemeente bereid is deze risico’s te nemen en kan zij (in relatie tot de financiële positie van de gemeente) deze risico’s op zich nemen?
  • In hoeverre heeft de gemeente de capaciteit om een actieve rol op zich te nemen.
  1. De keuze voor een faciliterende of actieve rol wordt, met in achtneming van de regels van de financiële verordening en ondersteund met bovengenoemde factoren aan de raad voorgelegd.
  2. Met een situationeel grondbeleid is het goed om, vanuit de beleidsdoelen, waaronder die over de woningbouwversnelling, bewust te zijn van de mogelijkheden van gronden in eigendom van de gemeente. Dit betekent dat, in relatie tot de te realiseren beleidsdoelen, goed moet worden gekeken naar gronden die worden verkocht en gronden waarvan bijvoorbeeld de pachtovereenkomst afloopt.
Deze pagina is gebouwd op 02/18/2026 16:07:12 met de export van 02/18/2026 16:04:23